Wat kan de broadcasters nog redden?

Broadcasters zijn in beginsel niet goed gepositioneerd in de huidige markt. Zij vormen het hart van het traditionele TV-kijken, dat langzaam maar zeker erodeert. En dat gaat hand in hand met hun steeds kleiner wordende rol van aggregator.

Operators (met hun STB-platform) en Amazon (met zijn Amazon Channels dienst voor service providers) werpen zich immers op als super-aggregators. Kleinere omroepen (waaronder we in Nederland bijv. Discovery rekenen), met meer focus in hun aanbod, zijn in opkomst. De grote broadcasters wenden zich tot diversificatie en schaalvergroting. Too little, too late of is het hun redding

RTL zet stappen

De RTL Groep is heeft een duidelijk antwoord: wij vormen onszelf om tot een Total Video onderneming. Naast  broadcast ligt de nadruk op content (productie) en ‘digital’ (streaming video). Eigen producties en overnames laten de hoeveelheid ‘inventory’ toenemen en technologiebedrijvan zoals SpotX en nu ook Adfactor moeten dit ontginnen

Total Video: meer aandacht voor on-demand en productie

De overgang van lineair naar on-demand zien we op vele niveaus:

  • Companion webs
  • ites en aanvullende diensten bij TV-programma’s.
  • Stand-alone websites, zoals RTL NL’s Buienradar, maar ook multi-channel networks (MCN’s) die vooral op YouTube actief zijn.
  • Het aanbieden van streaming video, hetzij alleen (zoals RTL NL met Videoland), hetzij in een samenwerkingsverband (zoals NLziet, van NPO, RTL en SBS). Iedere zichzelf respecterende omroep (broadcaster) heeft inmiddels wel een SVOD-dienst, zoals Fox+ en de Eurosport Player van Discovery (eerste nog niet in Nederland verkrijgbaar).

Kansen, maar ook bedreigingen in video markt

Een voordeel van de (noodgedwongen) omvorming van de traditionele broadcaster is dat het gepaard gaat met diversificatie. De afhankelijkheid van de (cyclische) advertentiemarkt neemt af en er komen abonnementsinkomsten (SVOD) bij. De concurrentie is echter groot. Naast Netflix en Amazon spelen de majors een steeds grotere rol. Denk aan Disney en aan Fox met zijn Fox+

De MCN (ook: MPN: multi-platform network) markt is nog altijd jong en groeit snel maar het is onvoorspelbare business. Op de productiemarkt smijten Netflix en Amazon met miljarden. De broadcasters zetten daar het traditionele kralen-rijgen (een continue stroom van kleine overnames) tegenover.

Artikel uit Telecompaper

Is transformatie van RTL nu echt gaande?

De RTL Groep maakte ogenschijnlijk goede resultaten bekend over het tweede kwartaal. RTL Groep leek redelijke resultaten te tonen over het tweede kwartaal van 2017. Er was geen reden voor de Bertelsmann-onderneming om de outlook voor 2017 aan te passen. Het kondigde aan een dividend uit te keren en oefent de nog lopende call optie uit waardoor advertentiebedrijf SpotX een 100%-dochter wordt

.

Maar er is wel degelijk een probleem, zoals bijna alle broadcasters inmiddels erkennen. Zo waarschuwde ProSiebenSat.1 voor een tegenvallend Q3 en Disney-onderdeel ABC gaat 10% kosten besparen. Winst van marktaandeel en diversificatie staan daar tegenover. RTL lijkt in te zetten op een versnelling van de transformatie tot een Total Video bedrijf. De groei geeft wat financiële armslag maar kan niet verhinderen dat de transformatie zorgt voor margedruk.

Het probleem is bekend: het traditionele TV-kijken neemt af, met alle gevolgen van dien voor de bijbehorende reclame-inkomsten. Ook in Nederland hebben we deze trend al geruime tijd in het vizier. Negatief voor de grote broadcasters is daarbij dat kleinere partijen een opmars maken. Denk aan relatieve nieuwkomers zoals XITE en Vice, aan de meer gevestigde partijen zoals Discovery, aan het nieuwe licentiemodel van Fox in Nederland en aan operator-kanalen zoals Ziggo Sport. Sport, vooral voetbal, speelt hierin een grote rol.

Het is niet zo dat we minder kijken. We kijken alleen gemiddeld 140 minuten per dag, inmiddels 62% van onze tijd, niet meer ‘traditioneel’ naar lineaire zenders.

De opkomst van VOD-partijen zoals Netflix en Amazon Prime Video en recent Facebook Watch. De opkomst van broadcastplatforms zoals NLziet (Nederland), Stievie (België) en Hulu (VS). De uitbreiding van dergelijke OTT-diensten met live TV, zoals bij de broadcastplatforms maar ook bij YouTube TV en Facebook Watch (VS). Daarnaast geven de categorieëen sport, nieuws en entertainment nieuwe kansen aan uiteenlopende spelers zoals Amazon, Twitter en TMG Vandaag/VNDG.

En dan nu de content. Waar dit lijken nog steeds de winnaars van het de oude waardeketen. Netflix is een goed voorbeeld. Het bedrijf investeert in toenemende mate zwaar in de content die zij op haar platform uitzend. Ruim 5 miljard dollar in 2016, 6 miljard in 2017 en 7 miljard in 2018. Dit is geen ‘shooting from the hip’ van Netflix. Het weet op basis van haar data exact te voorspellen wat nieuwe ‘hitshows’ kunnen zijn. De hoeveelheid content neemt dus alleen maar toe. Tegelijk verschuiven de inkomstenbronnen van advertising naar abonnementen (en mogelijk transactionele/PPV inkomsten).

RTL kon een omzetstijging rapporteren van maar liefst 8,8 procent in Q2 2017. In grote lijnen had de groei vier bronnen:

  • Winst van marktaandeel in Duitsland en Frankrijk. Dat leidde tot een omzetgroei van resp. 4,8 en 1,5 procent. Samen bepalen zij 55 procent van de omzet. Vorig jaar was dat nog 57 procent.
  • Groei van de inkomsten voortkomend uit de uitzendrechten (wholesale fees van operators) en digitale-advertentie-inkomsten.
  • FremantleMedia (productie en distributie), dat een groei realiseerde van 35 procent. Het is goed voor 23 procent van de omzet (vorig jaar 19%).
  • Overige, waaronder de (internationale) digitale activiteiten vallen maar ook Hongarije, Kroatië en Spanje. De groei bedroeg 11 procent. De omzetbijdrage was 9 procent, net als een jaar geleden.

De malaise op de traditionele advertentiemarkt komt tot uitdrukking in de bijdrage ervan aan de groepsomzet: 48,7 procent in H1 2017, tegen 50,6 procent vorig jaar. De groep schat de marktgroei negatief voor bijna alle landen (behalve Spanje), waarbij de krimp het grootste is in Kroatië (-8,9%), België (-8,3%) en Nederland (-6,2%). Dit wordt opgevangen door het marktaandeel te laten groeien in een aantal landen (Duitsland, Frankrijk, België, Kroatië), maar niet in Nederland, Spanje en Hongarije. RTL kijkt hierbij overigens naar haar belangrijkste doelgroep, de categorie 20 to 49 jarigen.

Het winnen van marktaandeel is geen duurzame bron van groei en daarom stelt RTL daar diversificatie tegenover. Noodgedwongen versnelt de onderneming zijn transitie naar Total Video bedrijf, rond broadcast, content en digital. Men doet dat zowel autonoom als door overnames, bijvoorbeeld in advertentietechnologie (SpotX en Smartclip), VOD en VR (Inception). De timing is gunstig: de groei geeft wat financiële ruimte, en de transformatie kost immers geld. Toch dalen de marges over een breed front. De EBITDA-marge van de groep was in Q2 2017 23,0 procent, vier punten minder dan een jaar geleden.

RTL Nederland behaalde in Q2 2017 3,9 procent minder omzet door dalende advertentie-inkomsten en een verlies van marktaandeel. De EBITDA daalde met 30 procent door investeringen in diversificatie. Het totaal aantal pageviews van alle websites, apps en YouTube-kanalen was 1.017 miljoen, een groei van 38 procent jaar-op-jaar. Videoland zag zijn abonneebestand sinds eind 2016 met 40 procent groeien.

Online televisie kijken wordt geen succes zonder ‘live’ televisie

Ruim 50% van de Nederlanders wil dat eerst de zenders van RTL, SBS en de NPO online beschikbaar moeten zijn, voordat ze bereid zijn om hun traditionele tv-abonnement op te zeggen en te switchen naar een OTT dienst. Dit laat onverlet dat ook zenders zoals Discovery, National Geographic en Animal Planet nog populair zijn. Een derde van de Nederlanders wil het traditionele tv-abonnement niet switchen als deze kanalen niet online beschikbaar zijn. Dit blijkt uit cijfers van het Telecompaper Consumer Insights Panel uit het eerste kwartaal van 2017.

RTL is het meest populair. Van de Nederlanders tussen 12 en 80 jaar heeft 56 procent in het eerste kwartaal van 2017 aangegeven dat deze zenders eerst online beschikbaar moet zijn voordat het tv-abonnement eventueel wordt opgezegd. Bij de zenders van de NPO en SBS-groep hebben bij telkens 53 procent van de respondenten dit aangegeven. Verder blijken Discovery, National Geographic en Animal Planet vrij hoog te scoren, met 34 procent van de respondenten die wil dat deze zenders eerst online beschikbaar zijn. De overige zenders vallen allemaal onder 20 procent.

Buitenlandse zenders doorbreken golfbeweging
Volgens eerdere cijfers van het Consumer Insights Panel bleek dat in derde kwartaal van 2016 nog 60 procent heeft gezegd dat de zenders van RTL eerst online beschikbaar dienen te zijn als voorwaarde voor het eventueel opzeggen van het traditionele tv-abonnement. In het eerste kwartaal van 2016 was het echter 50 procent.

In sommige gevallen is er een langere stijgende lijn. Zo is bij Film1 de trend doorbroken; het afgelopen eerste kwartaal van 2017 heeft 10 procent aangegeven dat dit kanaal eerst via internet lineair beschikbaar moet zijn, voordat het tv-abonnement wordt opgezegd, in het derde kwartaal van 2016 was dit 8 procent en in het eerste kwartaal van 2016 nog 7 procent. Wellicht heeft de stijging te maken met het verdwijnen van concurrent HBO. Ook zenders uit onze buurlanden hebben de golfbeweging doorbroken; 17 procent van de respondenten heeft tijdens de laatste meting aangegeven dat deze zenders eerst online te zien moeten zijn. In het eerste en derde kwartaal van 2016 was dat respectievelijk 14 en 16 procent.

Vrouwen willen vaker RTL- en SBS-zenders
Als we het per geslacht bekijken, zien we dat vrouwelijke respondenten significant vaker aangeven dat de zenders van RTL eerst lineair online te bekijken moeten zijn voordat het reguliere tv abonnement de deur uitgaat; 60 procent versus 53 procent van de mannen. Bij de zenders van SBS zien we een vergelijkbaar verschil; daar heeft 56 procent van de vrouwen aangegeven dat deze zenders eerst online te zien moeten zijn, bij de mannen was dat 50 procent.

Een mogelijke verklaring voor de verschillen bij beide groepen zenders kan zijn dat veel van de zenders van de commerciële omroepen meer focus op vrouwen en gezinnen hebben. Bij sportzenders (niet verwonderlijk) en buitenlandse zenders hebben mannen significant vaker aangegeven dat deze eerst online beschikbaar moeten zijn, 24 procent tegen 13 procent bij sport en 22 procent tegen 12 procent bij zenders uit onze buurlanden.

Twintigers vinden zenders RTL erg belangrijk
Verder is er tijdens het onderzoek gekeken naar leeftijdsgroepen. Daar zien we een bijzonder hoog percentage bij de zenders van de RTL-groep; 65 procent van de 20-29 jarigen heeft aangeven dat deze kanalen eerst online moeten verschijnen. Wat verder opvalt bij RTL, is de relatief lage populariteit bij 65-plussers. 48 procent van deze leeftijdsgroep heeft gezegd dat deze zenders eerst via internet te bekijken moeten zijn alvorens het tv-abonnement wordt opgezegd.

Ook zien we een relatief laag percentage bij de zenders van SBS onder 65-plussers; 45 procent van deze groep heeft aangegeven dat deze eerst online beschikbaar moeten zijn. Een reden kan hier zijn dat zowel RTL als SBS de oudste doelgroep minder goed bedienen, met een focus op gezinnen, jong volwassenen en specifiek mannen/vrouwen tot 55 jaar.

Waar de 65-plussers wel hoog scoren ten opzichte van de overige leeftijdsgroepen is bij buitenlandse zenders. 25 procent heeft aangegeven dat Duitse en/of Belgische zenders eerst online beschikbaar moeten zijn, alvorens het reguliere-abonnement kan worden opgezegd. Bij de groepen 20 en 30-jarigen is het respectievelijk 8 en 10 procent.

Dertigers vaker kinderzenders
Verder is het niet verwonderlijk dat zenders als Comedy Central, Spike en MTV weer hoog scoren in de groep 20-29 jaar; 31 procent heeft aangegeven dat deze kanalen eerst online beschikbaar moeten zijn. Naarmate de leeftijd stijgt, daalt dit percentage naar uiteindelijk 8 procent onder 65-plussers. Opvallend is het relatief hoge percentage van 23 procent onder dertigers bij de zenders als Nickelodeon en Disney. Waarschijnlijk heeft deze leeftijdsgroep vaak jonge kinderen die dit soort kanalen bekijken.

Gaan de huidige alternatieve OTT spelers de trend doorbreken?
Dat er steeds meer mensen zijn die aangeven dat er een online versie van een reguliere zender moet zijn, voordat het gewone tv abonnement de deur uitgaat, is wel opvallend te noemen. Immers, er zijn al apps die al in lineaire tv voorzien. Zo is er de gratis NPO app voor de publieke kanalen en zijn KPN (KPN Play), NLZiet en T-Mobile (KNIPPR) al met online tv-abonnementen actief.

Maar als we de cijfers mogen geloven, hebben deze initiatieven nog geen indruk kunnen maken op het grote publiek. Het aanbod omvat de meest gewenste zenders, maar er lijkt vooralsnog geen noodzaak om de maandelijkse kosten te verantwoorden. In veel gevallen wordt het abonnement als een ‘extra’ kostenpost gezien. Ook de interface en gebruiksvriendelijkheid lijkt in veel gevallen de wensen over te laten. Bijvoorbeeld het gemak van de tv aanzetten en de afstandsbediening gebruiken: one-stop shopping. Een speler die kostenbesparing, live televisie en een goede gebruiksvriendelijkheid voor alle devices kan combineren, heeft nu een momentum om een groot publiek aan zich te binden.

Disney pays $1,58 billion to acquire majority of BAMTech

The Walt Disney Company announced today that it has agreed to acquire majority ownership of BAMTech, LLC and will launch its ESPN-branded multi-sport video streaming service in early 2018, followed by a new Disney-branded direct-to-consumer streaming service in 2019.

Under terms of the transaction, Disney will pay $1.58 billion to acquire an additional 42% stake in BAMTech—a global leader in direct-to-consumer streaming technology and marketing services, data analytics, and commerce management—from MLBAM, the interactive media and Internet company of Major League Baseball. Disney previously acquired a 33% stake in BAMTech under an agreement that included an option to acquire a majority stake over several years, and today’s announcement marks an acceleration of that timetable for controlling ownership.

“The media landscape is increasingly defined by direct relationships between content creators and consumers, and our control of BAMTech’s full array of innovative technology will give us the power to forge those connections, along with the flexibility to quickly adapt to shifts in the market,” said Robert A. Iger, Chairman and Chief Executive Officer, The Walt Disney Company. “This acquisition and the launch of our direct-to-consumer services mark an entirely new growth strategy for the Company, one that takes advantage of the incredible opportunity that changing technology provides us to leverage the strength of our great brands.”

The ESPN-branded multi-sport service will offer a robust array of sports programming, featuring approximately 10,000 live regional, national, and international games and events a year, including Major League Baseball, National Hockey League, Major League Soccer, Grand Slam tennis, and college sports. Individual sport packages will also be available for purchase, including MLB.TV, NHL.TV and MLS Live.

The new service will be accessed through an enhanced version of the current ESPN app. In addition to the multi-sport service, the ESPN app will include the news, highlights, and scores that fans enjoy today. Consumers who are pay TV subscribers will also be able to access the ESPN television networks in the same app on an authenticated basis. For many sports fans, this app will become the premier digital destination for all their sports content.

The new Disney-branded service will become the exclusive home in the U.S. for subscription-video-on-demand viewing of the newest live action and animated movies from Disney and Pixar, beginning with the 2019 theatrical slate, which includes Toy Story 4, the sequel to Frozen, and The Lion King from Disney live-action, along with other highly anticipated movies. Disney will also make a significant investment in an annual slate of original movies, TV shows, short-form content and other Disney-branded exclusives for the service. Additionally, the service will feature a vast collection of library content, including Disney and Pixar movies and Disney Channel, Disney Junior and Disney XD television programming.

With this strategic shift, Disney will end its distribution agreement with Netflix for subscription streaming of new releases, beginning with the 2019 calendar year theatrical slate.

Plans are for the Disney and ESPN streaming services to be available for purchase directly from Disney and ESPN, in app stores, and from authorized MVPDs.

“We’re very proud of the content distribution innovations driven by MLBAM and BAMTech over the past 15 years,” said Commissioner of Baseball Robert D. Manfred, Jr. “Major League Baseball will continue to work with Disney and ESPN to further grow BAMTech as it breaks new ground in technologies for consumers to access entertainment and sports programming.”

“This is an exciting validation of our team, its achievements and the customer-centric platform it’s built,” said Michael Paull, Chief Executive Officer of BAMTech. “Yet, we’ve merely scratched the surface of what can be accomplished in a future where we combine Disney and ESPN’s world-class IP and our proprietary direct-to-consumer ecosystem.”

The BAMTech transaction is subject to regulatory approval, and upon closing, Mr. Iger will serve as Chairman of the BAMTech Board. MLBAM and NHL will continue as minority stakeholders in BAMTech, with seats on the Board. Mr. Paull will report to Kevin A. Mayer, Senior Executive Vice President and Chief Strategy Officer, The Walt Disney Company. John Skipper, ESPN President and Co-Chairman, Disney Media Networks, will manage the new ESPN-branded service.

The BAMTech transaction is expected to be modestly dilutive to Disney’s earnings per share for two years. Additional dilution as the Company implements its direct-to-consumer strategy will be dependent on the Company’s licensing approach and the level of investment in original programming.

 

VoD diensten voor kids explosief gegroeid

Video-on-Demand (VoD) diensten die speciaal voor kinderen worden ontwikkeld zijn tussen 2012 en 2016 met 136 procent gegroeid. Nog geen vijf jaar geleden werden wereldwijd 74 VoD-diensten die zich deels of geheel op een jeugdig publiek richtten, eind 2016 waren dat er al 175. Dat blijkt uit een studie van marktonderzoeksbureau IHS Markit.

De sterke groei van het aantal mobiele devices om content zoals VoD mee te consumeren en steeds snellere breedband- en 4G-verbindingen maken deze groei mede mogelijk. Herkenbare voorbeelden als de tablet die vaak uitkomst biedt voor ouders op de zondagochtenden. Verder komt er steeds meer op kinderen gerichte online content beschikbaar, wordt het steeds eenvoudiger om te betalen en bestaan er steeds meer mogelijkheden om een specifiek kinderveilige online VoD-omgeving te creëren.

De doelgroep van de toekomst
Niet alleen VoD-only spelers zoals Amazon, Netflix en YouTube spelen in op de vraag naar specifieke jeugdcontent, ook veel lineaire tv-aanbieders hebben hun VoD-aanbod hiermee uitgebreid. Niet alleen omdat de kinder kanalen op televisie vaak worden ingezet als een virtuele ‘babysitter’, maar ook omdat kinderen vaak nog minder loyaliteit hebben opgebouwd jegens bepaalde ‘merken’. Dit is waarom VoD-aanbieders duidelijk meer diensten voor deze jeugdige doelgroep maken. Het zijn tenslotte ook in hun afnemers van de toekomst.

Het grootste aantal kinderspecifieke VoD-diensten is in West-Europa te vinden (65 eind 2016). Azië-Pacific staat op een tweede plek met 52 diensten. Zo’n 90 procent van alle VoD-diensten voor kinderen is ook via mobiele devices beschikbaar, terwijl een derde zelfs alleen via mobiele devices te consumeren is. Abonnementsgebaseerde diensten zijn goed voor 51 procent van het totaal, gevolgd door gratis VoD-diensten met 26 procent. De rest bestaat uit freemium- of transactionele diensten.

Smart TV wint terrein

Meer dan vier op de tien Nederlandse huishoudens beschikt over een Smart TV met internettoegang. Dat geldt voor 42 procent van de huishoudens. Dit blijkt uit het onderzoek Media Standaard Survey (MSS) die door Kantar TNS wordt uitgevoerd in opdracht van SKO en de andere organisaties die verantwoordelijk zijn voor mediabereiksonderzoeken. Met deze 42 procent is een forse groei gerealiseerd. Eind 2016 gold er nog een penetratie van 37 procent.
Internettoegang via de computer blijft met 93 procent gelijk aan de tweede helft van 2016. 88 Procent van de huishoudens heeft digitale televisie op één of meer toestellen. Dit percentage digitale ontvangst bleef op het niveau van de tweede helft van 2016.

In 15 procent van de huishoudens is een mediacenter of dongle voor op de TV (zoals Apple TV of Google Chromecast) aanwezig.

De helft van de huishoudens (50%) geeft aan een digitale aansluiting via de kabel te hebben. 18 procent van de huishoudens heeft digitale aansluiting via internet. In 11 procent van de huishoudens is glasvezel te vinden als bron van digitale ontvangst. 6 procent van de huishoudens ontvangt TV via Digitenne op één van de toestellen en 3 procent heeft een schotel. Deze percentages zijn vergelijkbaar met die van de tweede helft van vorig jaar. Wel daalde het aantal huishoudens met analoge ontvangst op één of meer tv-toestellen verder van 22 procent in de tweede helft van 2016 naar 18 procent in de eerste helft van 2017.

Andere resultaten uit het onderzoek:

  • 35% van de huishoudens heeft een harddiskrecorder aangesloten op één of meer toestellen.
  • 25% van de Nederlandse huishoudens heeft een harddiskrecorder geïntegreerd in de settopbox.
  • 84% van personen van 13 jaar en ouder in bezit van een smartphone.
  • In 78% van de huishoudens is een laptop aanwezig en in 45% een desktop computer.
  • Het aantal huishoudens met een tablet is gestegen van 63% in de tweede helft van 2016 naar 67% in de eerste helft van 2017.

Should European operators worry about cord cutting as Amazon, Netflix push deeper into their market? Absolutely

When the Big Two come to play in our backyard, it’s time to up our game. Netflix has over 2 million subscribers in the Netherlands alone and Amazon have launched a push into Europe that will likely result in some bad nights of sleep for operators, pay-TV channels and broadcasters looking themselves to do more business over the top.

Both OTT players have long-term toe holds in Europe, pretty much since the dawn of streaming. Both were early into the United Kingdom – in one form or another – and used that base to help catapult them onto the continent, Netflix through the Netherlands and Amazon into Germany via its purchase of LoveFilms.

While each company is expanding original content production in Europe, they’ve chosen two different paths to growth.

Netflix, as has become its norm, announced a major cash outlay on originals, much of it specifically for Europe. It’s increased hiring, as well, adding hundreds of jobs to its European workforce.

Looking to deal with some of the political headwinds it’s facing on the continent – tax law, privacy issues, net neutrality and media ownership challenges, the company has begun looking for a new vice president to handle global public policy.

Meanwhile, in addition to Amazon budgeting an estimated $4.5 billion on original content itself this year, also is rolling out new channels to members of its Amazon Prime program only in the United Kingdom and in Germany, two strongholds, that will propel its rapidly evolving position as not just an aggregator of content, but as a pay-TV provider offering content à la carte. Prime annual subscriptions run £79 in the U.K. and €69 in Germany (and Austria). Prices per channel will be £1.49 and £9.99 per month in the U.S. and €1.99 and €7.99 in Germany.

Live linear and video-on-demand content will be available as the U.S.-based etailer debuts channels including, among others, Discovery, MGM, Shudder, Comic Con HQ, Eurosport Player and ITV Hub+ plus Amazon’s Heera. Its German offerings include, among others, Syfy Horror, GEO Television, MGM, Studio Universal Classics, E! Entertainment, Terra X, Motorvision TV, sportdigital HD, Fix&Foxi, Kixi Select.

Eurosport will start live streaming premium sports content, beginning with the French Open.

Amazon’s existing platform – with its original content – will remain part of Amazon Prime, as well.

For content owners and channels that are part of the new Amazon play, it’s an opportunity to connect with cord nevers they really haven’t had access to before, and for the cord nevers – many of them Millennials and Gen Xers – it’s an opportunity to access premium content they might not have had access to previously.

For operators not already engaged with Amazon or Netflix, the moves could be the start of harrowing times akin to U.S. operator and broadcaster experiences.

While European providers have seen the early impact of cord nevers, cord cutting and cord shaving have been less prevalent.

But that could change as the two companies establish deeper roots. It’s worth noting that substantial cord cutting in the U.S. didn’t occur until streaming became more common. In fact, as SVOD services have proliferated, cord cutting and shaving have become the norm. U.S. operators experienced their worst first quarter even in 2017, losing subscribers during a period traditionally seen as a time for strong gains.

The more than 802,000 subs who left in Q1 have cast a long shadow over Q2, traditionally the worst quarter for subscriber losses.

As younger viewers in Europe discover more premium content available from SVOD services, and more channels that include live sports online, that consumers will cut or reduce their spending on pay TV is inevitable.

As more streaming devices are sold in Europe and more connected TVs include the Netflix and Amazon apps, look for an increased migration away from legacy services to the new breed.

For content owners not already playing in the online space, the expansion of the two SVOD giants should be seen as a starter’s pistol shot to be off and running, especially for services with original or unique niche content.

While some pundits have pointed to the cumulative expense of SVOD services and à la carte channels for the consumer being higher than a pay-TV subscription, a different reality already is developing in North America where consumers regularly churn into and out of services as specific content becomes available, keeping costs lower.

While this new reality can be irksome for OTT providers, most accept the lower cost of customer acquisition – and the likelihood of subscribers returning as new content becomes available – as just part of the new economics of the OTT ecosystem.

An interesting note from the U.K. this week shows just how much the market there has been changed by Netflix and Amazon.

The BBC is quietly shuttering its 18-month-old download portal, which allowed customers to purchase digital content because it hasn’t been able to compete with Netflix and Amazon. As one BBC source told the Telegraph, “the download market isn’t what it once was.”

The solution? The BBC may expand its own SVOD offering currently operating in the United States, the Telegraph said.

Jim O’Neill – Strategic Media Consultant

Facebook starts with production of own tv series

Facebook is starting production on high-quality television series and gaming shows to be broadcast on its platform, one of the social media giant’s executives said on Monday.

The online platform, which has around two billion monthly users worldwide, is working on the project with a small group of partners and hopes to start putting out episodes of its forthcoming series by the end of the summer, Nick Grudin, the vice president for media partnerships, said in a statement to AFP, confirming a report in the Wall Street Journal.

“Our goal is to make Facebook a place where people can come together around video,” Grudin said, noting that Facebook and its collaborators would “experiment with the kinds of shows you can build a community around — from sports to comedy to reality to gaming.”

Facebook is funding the shows on its own at first, he said, “but over time we want to help lots of creators make videos funded through revenue sharing products like Ad Break,” a software tool that allows adverts to be directly inserted into Facebook’s online content.

Facebook did not identify its content-production partners, but the Wall Street Journal said they include Hollywood studios and agencies representing actors and other creative talent from the film and television industries.

Facebook is ready to spend up to $3 million per episode, a budget which puts it at the upscale end of television production in the United States. In doing so, it is a following a trend set by other internet giants that were once satisfied with allowing their platforms to be used for distribution by other producers.

Netflix, Amazon and the online television platform Hulu — a joint venture by Disney, Comcast, 21st Century and Time Warner — have thrown themselves into content production, as have YouTube and Apple, although on a more modest scale.

AnyDay’s comment: the fact that yet another (social) platform is entering the market of premium content is an example of their data driven media strategy to engage customers, create loyalty and monetize on content. This bottom up approach seems to work well; having the data and the customers to support it.

Aantal TV-aansluitingen weer afgenomen

Het aantal tv-aansluitingen in Nederland is in het eerste kwartaal van 2017 met 0,2 procent gedaald naar 7,39 miljoen.  De groei bij digitale televisie was onvoldoende om de daling van het aantal analoge tv-aansluitingen te compenseren. Dit is het negende kwartaal op rij dat de televisiemarkt in volume daalt, zo blijkt uit onderzoek van Telecompaper 

Kabel blijft volgens het ‘Dutch TV Market 2017 Q1’ rapport de grootste televisietechnologie met 57,6 procent van alle tv-aansluitingen, ondanks een daling van 1 procentpunt vergeleken met Q1 2016. DSL (koper) volgt als nummer twee met bijna 19 procent en glasvezel is nummer 3 met bijna 15 procent. Zowel satelliet als Digitenne (digitale tv via de ether van KPN) hadden een marktaandeel van minder dan vijf procent in het eerste kwartaal van dit jaar, waarbij satelliet (CanaalDigitaal) net iets groter is dan Digitenne.

Kwartaalomzet daalt 1 procentpunt

De kwartaalomzet uit tv-diensten daalde sterker dan het volume en kwam 1 procentpunt lager uit op 454 miljoen euro. Dit was mede het gevolg van 2 procent omzetdaling bij Ziggo. Het positieve effect op de omzet van Ziggo’s prijsverhoging per 1 juli 2016 werd teniet gedaan door de voortgaande daling van het aantal tv-klanten. Hierdoor eindigde Ziggo het kwartaal op een aandeel van 60,5 procent van de televisie-omzet, 0,5 procentpunten minder dan in Q4 2016. KPN steeg juist met 0,5 procentpunten en kwam uit op 26,9 procent van de totale tv-omzet in Nederland, 0,5 procentpunten meer dan in het voorgaande kwartaal.

De omzet op tv-gebied groeit de komende jaren niet meer, verwacht marktonderzoeksbureau Telecompaper. De trends wijzen op een gemiddelde jaarlijkse daling van 0,1 procent in de jaren tot 2021. Tot 2019 groeit de omzet nog licht, waar na in de tweede helft van de onderzoeksperiode de daling inzet tot 1,78 miljard euro in 2021. 

Cord-nevers en -cutters

De verwachte omzetdaling wordt vooral veroorzaakt doordat steeds meer mensen besluiten om geen tv-aansluiting te nemen of om hun tv-abonnement op te zeggen, aldus het rapport. De zogenaamde cord-nevers en cord cutters kijken dan tv- en video via internet. Daarvoor komen steeds meer diensten beschikbaar waaronder de uitbreiding van NLZiet met live televisie. Tot en met 2021 verwacht Telecompaper dat het aantal tv-abonnees met gemiddeld 1,1 procent per jaar daalt.

Bron: Telecompaper

SKO: kijktijd in mei met 2,4% gedaald

De gemiddelde kijktijd voor de televisie is in mei 2017 met 2,4 procent gedaald tot 166 minuten per dag. De gemiddelde schermtijd voor de televisie, waarin ook bijv. VOD is opgenomen, daalde met 0,6 procent tot 177 minuten per dag. Dat maakt de Stichting KijkOnderzoek (SKO) bekend. De daling van de kijktijd is, net als vorige maand (-1,6%) iets geringer dan de afgelopen maanden. Echter, voor juni 2017 ligt een scherpere daling in de lijn der verwachting aangezien een jaar eerder het EK Voetbal zich afspeelde. Het aandeel van uitgesteld kijken op de televisie was 7,9 procent, min of meer in lijn met het aandeel in de afgelopen periode.
 NPO 1 domineert, RTL wint terrein dankzij Ajax

Van de drie grote omroepen zag de NPO het marktaandeel licht dalen. Het aandeel ’s avonds ging naar 33,9 procent (een maand eerder 35,8%). Het aandeel van RTL steeg met 1,7 punt tot 28,6 procent en SBS won 0,6 punt tot 18,8 procent.

Op programmaniveau deed RTL 7 goede zaken met de uitzending van de Europa League wedstrijden van Ajax. Het had daarmee drie noteringen in de top 10, die verder bepaald werd door NPO 1. In het segment uitgesteld kijken overheerst NPO 1 eveneens, maar RTL wist vier top 10 posities te bezetten.

BRON : Telecompaper.com